Blog

Vertelangst


Laatste nieuws: Online Programma
Het zal nog even duren, maar dan is de nieuwe website over Vertelworkshops klaar. Bij de nieuwe website krijg je i.p.v. een E-book een gratis videotraining met 5 filmpjes met elke keer een verhaal. En ik ben bezig met het ontwikkelen van een ONLINE PROGRAMMA. Het heet ‘Verhaal klaar in 30 minuten’ en gaat over het snel voorbereiden van een verhaal: een handige vaardigheid die je veel tijd bespaart en steeds opnieuw te gebruiken is. In 5 lessen krijg je die vaardigheid zeker onder de knie. Een programma met bijzondere bonussen. Het programma wordt boeiend, waardevol en goed te betalen. Wordt vervolgd.

Dagtraining 9 april: je kunt je nog opgeven. Info: Dagtraining

Vervolgtraining 2 zaterdagen 12 maart en 16 april: als je al wat vertelervaring hebt.
Info: info@hansvanwoerkom.nl

Vroeger had ik soms vertelangst!
Toen ik elf was zat ik bij meester Schot. De meester vroeg: ‘Wie is wel eens op Vlieland geweest?’ Ik werd vuurrood en stak aarzelend mijn vinger omhoog. ‘Zo, Hans, vertel eens.’ Het kwam er zeer moeizaam uit met een kop als vuur. Op de HBS moest ik in het Engels vertellen over de slag bij Thermopylae. Dramatisch. Iedereen keek naar me. Op de HAVO luisterde ik met bewondering en een tikkeltje jaloezie naar meneer van Gent die in het Duits vertelde over Odysseus en Herakles. Prachtig. Op de PA had ik bij mijn eerste verhaal een enorme black-out. Twee kinderen fluisterden: ‘Hij weet het niet meer.’ Inderdaad! En toch … als leraar op de basisschool vond ik het vertellen van een verhaal het leukste wat er was. Ik vertelde bijbelverhalen en zelf gemaakte verhalen. Het hoogtepunt was een verhaal in de stijl van ‘In de Ban van de Ring’, met de kinderen in een kring, vijf kaarsen in het midden en de gordijnen dicht. De kinderen smulden ervan.
In de jaren negentig wilde ik echt leren vertellen. Oei, super spannend. Bij mijn vertelleraar moest ik naar het toilet als ik aan de beurt was. Hoe overwin je dat soort angsten? Doen, doen en nog eens doen. Fouten maken en doorgaan. Als je plezier hebt en enthousiast bent, maakt een fout helemaal niet uit.

Zoë overwon haar angst
Een leerkracht vertelde me tijdens een workshop over een meisje in zijn klas: Zoë. Ze was verlegen en stilletjes. Enkele jaren later keek hij naar tv. Hij kon het nauwelijks geloven. ‘Hoe is het mogelijk dat ik haar kwaliteit niet gezien heb. Na zijn verhaal liet hij het filmpje zien. Ik had tranen in mijn ogen.  Zoë was nog steeds stilletjes, maar met haar lichaam danste/vertelde ze een prachtig verhaal: ‘Zoë danst Malala.’ Volgens mij heeft Zoë behoorlijk wat angsten overwonnen! O ja: ze won Superkids glansrijk.

Overwon Emma haar angst ook?

Hieronder volgt een deel van een verhaal dat ik geschreven heb: Je moet maar durven! Voor jou als lezer heb ik een vraag. Emma zit op school op vertelles. Op een speciale avond gaan de vertelkinderen een verhaal vertellen. Emma durft niet. Ze is heel bang. Ze zet de computer aan en …

Mijn vraag: maak het verhaal af met je eigen fantasie. Het leukste is als je er een verhaal van maakt. Je mag ook de grote lijnen aangeven van hoe het volgens jou verder gaat.
Geef je reactie onder het verhaal of stuur naar: info@hansvanwoerkom.nl
Voor de leukste inzenders is er een download van één van mijn CD’s. Ben benieuwd.

VERHAAL – Je moet maar durven! –

Emma, een meisje met kort zwart haar, was het meest verlegen meisje van groep 7 van de Beatrix
School in Amsterdam. Op donderdag en vrijdag om 15.15 uur hadden ze nog een extra les. Op donderdag kreeg Emma koken en op vrijdag verhalen vertellen. Lotte moest lachen. ‘Emma, jij verhalen vertellen? Dat wordt spannend.’ ’Ja, dat denk ik ook, Lotte.’
Emma kwam in een groep met elf andere kinderen terecht. Geen gemakkelijke groep, want sommige kinderen hadden een grote mond. Emma niet. Emma was stil. Ze zei weinig. Meester Wim, de verhalenverteller, deed geweldig z’n best om Emma aan het vertellen te krijgen, maar Emma durfde niet. Weken gingen voorbij. Steeds vaker moest er iemand voor de groep vertellen. Sommige kinderen hadden nog maar één zin gezegd of ze begonnen zelf al te lachen. Anderen deden het met veel bravoure.

Meester Wim verzon spelletjes met gevoelens, gezichtsuitdrukkingen, gebaren en nog veel meer,
maar het viel niet mee om dat toe te passen in een verhaal. Ze hadden allemaal een mooi verhaal gekozen. Emma had het verhaal van ‘De Bijenkoningin’, een verhaal over een moedige prins.

Na anderhalve maand les is het Kinderboekenweek. Meester Wim vertelt enthousiast.
‘Luister, volgende week gaan jullie vertellen voor een aantal kinderen en ouders.’ ‘Ja,’ roepen er enkelen. ‘Leuk!’ Emma is nog stiller dan anders. ‘Vertellen aan andere kinderen en ouders? Pfff. Moeilijk.’ ‘Zo,’ zegt meester Wim, vandaag gaan we het oefenen. Jullie komen allemaal aan de beurt voor de groep.’ Sommige kinderen schrikken. De eerste jongen die aan de beurt komt, is Stefan. Steeds kijkt hij naar de grond, als hij vertelt. Hij kijkt niemand aan. Zijn verhaal heet ‘De aap en de krokodil’. Hij is blij als hij klaar is. Een verteller krijgt altijd applaus. Dus Stefan ook. Eindelijk is Emma aan de beurt. Ze trilt. Meester Wim helpt haar. ‘Kom op, Emma, laat het maar horen.’ Emma zegt niets. ‘Begin maar gewoon.’ Enkele kinderen beginnen zachtjes te grinniken. ‘Ssssttt,’ sist de meester. Emma kijkt niemand aan en begint. Haar stem is zo zacht dat niemand het kan verstaan. ‘Emma, je kunt het best; iets harder graag.’ Wat de meester ook probeert, het gaat niet beter.

Emma ziet erg op tegen het vertellen voor kinderen en ouders.
Haar moeder merkt dat ze het moeilijk heeft. ‘Hé, Emma, wil je dat verhaal aan mij vertellen?’ ‘Nee, liever niet.’ Haar vader komt achter z’n krant vandaan. ‘Emma, we zitten er klaar voor. We zijn benieuwd naar je verhaal. Vertel het maar. ‘Nee, nu niet. Misschien een andere keer.’ De hele week komt het er niet van. Ze verzint steeds iets anders om het niet te hoeven vertellen. Ze is bang. Bang om fouten te maken. Bang om het niet meer te weten. Ze wordt steeds zenuwachtiger. Morgen is het al. ‘Het gaat vast niet goed. Misschien vergeet ik wat of gaan ze lachen.’ Ze zet de computer aan …

 De volgende Verteltips verschijnen op 15 maart 2016.

Gebaren
Spelen is leren
Zoekend op internet kwam ik bij ‘spel voor jonge kinderen’ het volgende tegen: het ontwikkelen van het ik bewustzijn, empathie, cognitieve functies, ruimtelijk inzicht, motoriek en lichaamsbesef. Ook de kracht van spelen en de kracht van het kind, creativiteit, ontdekkend leren en natuurlijk ‘ik en de ander’. Dat is nogal wat. Dus spelen heeft vele functies. Kun je spelen combineren met vertellen? Natuurlijk. Dat biedt nogal wat voordelen. Daarom in deze Verteltips voor de 2de keer aandacht voor vertelspelletjes. Zie onder.

Dagtraining van 6 februari: een belevenis
Afgelopen zaterdag gaf ik de Dagtraining ‘Verhaal klaar in 30 minuten’. Een deelnemer verwoordde het als volgt:
‘Een geweldige dag. Ik heb zo ontzettend veel geleerd. Ik vind het altijd heel moeilijk om zomaar voor een vreemde groep mensen te vertellen. Daar maak ik me altijd heel zenuwachtig voor. Hoe jij ‘t deed weet ik niet, maar je wist een sfeer te creëren, waar ik me super veilig en prettig bij voelde en me zelf durfde te laten zien!
De manier waarop jij oefeningen verpakte hebben me geweldig geholpen en weer nieuwe ideeën gegeven voor mijn eigen lessen. In de trein naar huis zat een mevrouw die vaak mondharmonica speelt op de stations. Ze kwam erachter dat ik een dag verhalen vertellen had gedaan. Ineens riep ze: ‘Hé, mensen, hier zit een verteller, die een mooi verhaal heeft over een aap en een krokodil. Wie wil dit horen? Dan speel ik daarbij op mijn mondharmonica.’ Het liep geweldig. Mensen liepen met mij mee op het perron om ook het eind te horen. Ik kreeg een enorm applaus. Voor mij een geweldige overwinning.
Thea Drulman, Leusden.

De Aap en de Krokodil
Van dit verhaal zijn veel verschillende versies. Op internet kwam ik een versie tegen van Donna Washington. De beeldkwaliteit is niet geweldig, maar toch … ik wilde er niets van missen! Wat een bijzondere manier van vertellen. Wat die vrouw met haar stem en haar gezicht doet!

Nieuwe Dagtraining op 9 april a.s. in Zoetermeer
Op zaterdag 9 april volgt een nieuwe Dagtraining. Kort geleden ontmoette ik een vrouw, een drama docente, die jaren geleden een workshop bij me volgde van nog geen twee uur. Ze zei dat ze nog steeds dingen uit die workshop in praktijk bracht. Misschien kun je je voorstellen dat een hele dagtraining een veel grotere impact heeft dan een paar uur. Je bent van harte welkom om te ervaren hoe leuk verhalen vertellen is en dat iedereen dit kan. Het is zo mooi om te zien hoe een ieder dat op z’n eigen manier doet. Meer informatie: Dagtraining 9 april.
Als je interesse hebt, laat het me weten: 010-5120667 of info@hansvanwoerkom.nl

Vervolgtraining op 12 maart en 16 april in Zoetermeer
Wie al wat verder met vertellen is, kan zijn vaardigheden nog een stuk verbeteren bij deze training. Als je interesse hebt, stuur ik het programma aan je op.
Info en opgave bij Hans: 010-5120667 of info@hansvanwoerkom.nl

Vijf hartstikke leuke vertelspelletjes (2)
Je hebt vast wel eens aan het eind van de ochtend/middag vijf of tien minuten over of je plant het zo. Dan is het een leuk idee om een vertelspelletje te doen. Kinderen kunnen er veel plezier aan beleven en ze steken er nog wat van op ook.

Het geschenk
De leerkracht geeft een kind een beurt. Het kind bedenkt een geschenk en geeft dat al mimend aan een ander kind. Eerst mag dat kind raden. Daarna de rest van de groep. Het kind, dat een geschenk kreeg, is nu aan de beurt en geeft al mimend een geschenk aan een ander kind. Voorbeelden: een zak patat, een voetbal, een kat, een waterpistool.

Eén woordverhaal
Om de beurt een woord noemen om zo een zin te bouwen. Het volgende woord moet erbij passen en het moet grammaticaal kloppen. Begin met korte zinnen. Vandaag – was – het – heel – mooi – weer. Als het makkelijk gaat, laat ze dan een verhaaltje maken van meer zinnen achter elkaar.

Vang een verhaal
Gebruik een balletje of een bonenzakje. De leerkracht begint een verhaal, gooit het balletje naar een kind en die moet verder met het verhaal. Verlegen kinderen mogen al na één woord het balletje naar een volgende leerling gooien.

Twee leugens
Leugens?? Nou ja: neem het niet te serieus. Laat de kinderen de twee grootste leugens bedenken en eventueel opschrijven. Geef een paar onzinnige voorbeelden. Om de beurt mag een kind een leugen vertellen. Vraag: En wat vonden jullie de beste of leukste leugen?

Gekke bekken trekken
Om de beurt trekken de kinderen een gekke bek. De leerkracht begint. Wie trekt de gekste gekke bek? Je kunt dat door de kinderen laten bepalen.   Variaties:
1. In een kring – iemand trekt een gekke bek en alle kinderen doen het na.
2. Trek een gekke bek met een emotie: angst-boosheid-blijheid-verdriet-jaloezie-verbazing.

Hieronder een foto tijdens de Dagtraining: een verhaal van Nasreddin Hodja!

Hans vertelt Hodja
De volgende Verteltips verschijnen op 1 maart.

7x beter dan 'Er was eens'


‘Er was eens …’

Die zin heeft nog steeds aantrekkingskracht. Het heeft de tand des tijds doorstaan. En toch … kan het ook anders? Natuurlijk. Of de suggesties van mij echt beter zijn dan ‘Er was eens’ is aan jou. Zelf vind ik het prettig om te variëren en soms zie ik ineens een aantrekkelijke mogelijkheid.

Enkele ervaringen van de afgelopen week
Deze week gaf ik drie workshops. De eerste voor leerkrachten in het PO. Fascinerend om te zien hoe deelnemers in korte tijd vertrouwen krijgen en verrassend goed staan te vertellen voor de groep. Van te voren hoor ik: we vertellen weinig want het kost teveel voorbereidingstijd. In de workshop blijkt dat het sneller kan!
Ook twee workshops in Groningen aan PABO-studenten. Twee grote groepen (26 en 22) jonge mensen trainen: Heerlijk. Bijna alle deelnemers hebben voor de groep verteld. De recensies waren top: veel geleerd! Meerderen gaven aan dat ze hun angst om voor een groep te staan overwonnen hadden. Alleen al door elkaar bezig te zien deden ze veel ideeën op. Welke ik het best herinner: een jongen en een meisje die allebei een nieuwe impuls gaven aan ‘De Aap en de Krokodil’. Ze toverden uit het niets humor tevoorschijn die ik er zelf niet in zag. Spontaan gelach. Genieten dus!

Hanzehogeschool Groningen

Een reactie: ‘Ik vond het niet alleen super leuk, maar ik heb er ook heel veel van geleerd. Door de leuke oefeningen kreeg je meer zelfvertrouwen en durfde je ook daadwerkelijk een verhaal voor de groep te vertellen. Bedankt voor de ontzettend leuke workshop!PABO-studente Hanzehogeschool Groningen.

De DAGTRAINING op 6 februari in Zoetermeer gaat door. Er kunnen nog enkele deelnemers bij.
Meer info: DAGTRAINING

7x beter dan ‘Er was eens’

  1. Begin met het stellen van een vraag – Ben je wel eens bang in het donker? Iemand zegt: Ja. Verteller: Dit verhaal gaat over een meisje dat nooit bang was in het donker. Nou ja, totdat …
  2. Begin met je verhaal, maar vertel nog niet wie de hoofdpersoon is‘De man leefde in het noorden van Zuid-Afrika. De man was vroeg wakker. Hij was bloednerveus. Vandaag zou het gaan gebeuren.’ Spannend, hè?
  3. Begin met een zin van de hoofdpersoon met emotie‘Ik heb geen verhaal.’ ‘Maar Jimmy, iedereen heeft een verhaal.’ ‘Ik niet.’ In Schotland bij het beroemde Meer van Loch Ness woonde een man …’
  4. Begin met een persoon die over een ander vertelt – b.v. een lakei vertelt over de koning. In een ver land woonde een vreemde koning. Een lakei kan je veel over hem vertellen. (verander van plaats en word de deftige lakei) ‘Moet je luisteren. Die koning is een heel raar mannetje. Hij is klein en heeft een heel lange neus. Op die neus zit een dikke pukkel en daaruit groeit een lange haar. De koning is ongelofelijk lelijk.’ Daarna vertelt de lakei over de beeldschone dochter en over de gevaarlijke maarschalk! Echt een pakkende intro.
  5. Begin met een liedje‘Steenreuzen bestaan niet. (3x) Lekker flauwekul.’ (2x) Na het zingen de vraag: Steenreuzen? Bestaan die? Kinderen roepen: nee. Zing dan maar met me mee! Je gaat zingen en meteen na het zingen start je je verhaal. Werkt prima.
  6. Begin met een geluid – Een Amerikaanse verteller begint altijd met een mysterieus geluid: iets als de wind of? Hij doet dat zo goed dat iedereen op het puntje van zijn stoel zit. Je kunt ook een voorwerp / instrument nemen waarop je tikt of slaat of? Maak ze nieuwsgierig.
  7. Begin met muziek – Als je zelf een instrument bespeelt, kun je dat gebruiken als inleiding op je verhaal. Gitaar, blokfluit e.d. Ik ben niet super muzikaal, maar ik kan blokfluit spelen. En … djembé. Daarbij laat ik ze een ritme meeklappen op hun benen en in hun handen. Steeds harder, dan steeds zachter en ik begin met vertellen.

PS. Ik was van de info hierboven een filmpje aan het maken, maar helaas: beeld en geluid gingen niet samen. Hoop dat het de volgende keer wel lukt!

Als je zelf nog een sterke intro hebt, reageer dan onderaan.

Trainingsdag voor startende leraren: Judith Porcelijn.

Judith Porcelijn

Ben je een startende leraar? Dan is dit vast iets voor jou.
Op zaterdag 9 maart van 10-17 uur geeft Judith Porcelijn een trainingsdag voor startende leraren.
Judith heeft veel ervaring in het onderwijs en kan je daarbij uitstekend ondersteunen.
Op het programma staan:
1. Eerste hulp op een nieuwe school
2. Oefen de praktijk
3. Energizers in de klas
4. Maak je eigen plan van aanpak

Als lezer van de Verteltips krijg je € 50,- korting!
Meer lezen: Trainingsdag voor startende leraren
Warm aanbevolen.

De volgende Verteltips verschijnen op 16 februari 2016.

© 2016 Vertelworkshops.nl
ontwerp websitedienstverlening.nl

End Of Blog Before Footer